zondag 14 september 2014

Hoe we realiteit creëren


 


Op de website mensenrechten.org las ik een boeiend artikel over stressvolle gedachten. 

Ik vind het altijd fascinerend om te kijken naar wat dingen nou eigenlijk ZIJN. Dus ook naar wat stressvolle gedachten nou eigenlijk zijn.  

Alle stressvolle gedachten, zijn gedachten over de onvolmaaktheid van iets. Een gedachte over iets dat "niet in orde" zou zijn. Alleen als we denken dat iets niet in orde is, hebben we een stressvolle gedachte. En dat leidt tot gedachten dat de wereld anders zou moeten zijn dan deze is. En tot pogingen die wereld te veranderen. Zodat die wereld wel wordt zoals we denken of wensen dat hij zou moeten zijn. 

Die stressvolle gedachten zijn dus allemaal gericht op onze beleving van de realiteit. Op het afwijzen/veroordelen van die realiteit en het verlangen naar een betere realiteit. Het lijkt alsof die onprettige realiteit ons "overkomt".   

Maar die realiteit is door onszelf gecreëerd. Die onvolmaakte realiteit, is een rechtstreeks gevolg van onze gedachten. Op basis daarvan, hebben we hem gebouwd.  

Wanneer die gedachten, gedachten waren over onvolmaaktheid (gedachten dat dingen "niet in orde" zijn), dan zal daar een realiteit uit ontstaan die deze onvolmaaktheid in zich heeft. Een realiteit die we zelf gebouwd hebben, gedreven door onze gedachten.  

Die onvolmaaktheid merken we vervolgens op, en dan zeggen we: "Zie je wel! Het is WERKELIJK onvolmaakt/niet in orde!" En zo is het kringetje rond. 

Een voorbeeld van een realiteit die de meeste mensen als onvolmaakt/niet in orde beleven, is oorlog. Door naar het verschijnsel oorlog te kijken, zie je dat het een volmaakt gevolg is van een gedachte over onvolmaaktheid. De gedachte achter oorlog, is een gedachte over de onvolmaaktheid van mensen.  

Die gedachte is: mensen zijn in potentie kwaadaardig (een onvolmaaktheid dus)

De daaruit volgende emotie is: angst voor mensen.

Het daaruit volgende handelen is: ons ertegen bewapenen, over en weer.

De daaruit volgende realiteit is: oorlog.

De daaruit volgende bevestiging is: Zie je wel! Mensen zijn kwaadaardig want ze schieten elkaar dood! 
 
 

De onvolmaakte realiteit die oorlog heet, is een volmaakt gevolg van de gedachte dat mensen onvolmaakt zijn, en die oorlog (die realiteit) bevestigt dat.*

Nog een voorbeeld*:

Gedachte: we kunnen niet leven zonder geld (gedachte over onvolmaaktheid/ontoereikendheid)

Emotie: angst voor tekort, of hebzucht (wat hetzelfde is)

Handelen: voor alles geld vragen

Realiteit: voor alles geld moeten betalen

Bevestiging: zie je wel! we kunnen niet leven zonder geld

Stressvolle gedachten (gedachten over onvolmaaktheid) leveren zo een stressvolle realiteit op die de stressvolle gedachten bevestigt. Dit mechanisme houdt zichzelf dus in stand. Dit is de enige reden waarom verandering zo moeizaam is. 

De enige manier om uit dit kringetje te stappen, is de aandacht niet te langer te richten op de door onszelf gemaakte onvolmaakte realiteit, maar op het mechanisme dat tussen ons denken en het resultaat ligt. Het mechanisme dat altijd een gevolg oplevert dat volmaakt beantwoordt aan de gedachte die we erin gestopt hebben.  

Dat mechanisme is dus WEL volmaakt. Het besef hiervan, betekent dat we de vrijheid hebben om erin te stoppen wat we maar willen, en dat we daarmee een realiteit kunnen creëren die we maar willen. 

Door onze aandacht niet langer te richten op de onvolmaakte realiteit (oorlog bijv.), maar op het volmaakte mechanisme (de natuurwet) dat tussen onze gedachte en die realiteit ligt, zien we dat we een volmaakt gereedschap ter beschikking hebben waarmee we kunnen doen wat we maar willen en waarmee we een realiteit kunnen creëren die we maar willen.  

We hebben onze aandacht dan veel minder op WAT we gecreëerd hebben (het product van onze gedachte: de realiteit die ons leek te "overkomen") en veel meer op HOE we creëren. En dus ook HOE we iets anders kunnen creëren.

Anders gezegd: als we inzien dat wij een realiteit kunnen creëren die we als niet-in-orde beleven en hoe we dat doen, dan kunnen we, gebruik makend van hetzelfde tussenliggende (volmaakte) mechanisme, ook een realiteit creëren die we wel in orde vinden. Het betekent dat we in staat worden om verantwoordelijkheid te nemen voor het hetgeen we creëren. En dat is vrijheid. 

Inzicht over de volmaaktheid van dat mechanisme, is een gedachte over volmaaktheid. Het zien, waarderen en gebruiken van deze volmaaktheid, zal dan ook leiden tot een realiteit die deze gedachte in zich heeft. En zo kunnen we ons creërende vermogen aanwenden om een realiteit te maken die wel naar onze zin is. Die we wel als "in orde" beleven. Waarvan we ook zullen zeggen: "Zie je wel! onze gedachte klopte!" En zo is ook dat kringetje rond. 
 
 

*Dit zijn voorbeelden van een collectieve gedachte en een daaruit voortvloeiende collectieve realiteit (oorlog/afhankelijkheid van geld). Individueel werkt het mechanisme ook zo. Op precies dezelfde manier. Ook individueel leidt een gedachte, via emotie en handelen, tot (beleefde) realiteit en die realiteit bevestigt de initiële gedachte waaruit hij is voortgekomen. 

Het is de cyclus van creatie (en behoud) van realiteit, zoals aangegeven is in het plaatje hierboven. Ik geef een paar heel verschillende voorbeelden, maar je kunt het met iedere denkbare gedachte doen:

Gedachte: mensen vinden mij niet aardig
 
Emotie: angst voor afwijzing

Handelen: mensen vermijden

Realiteit: weinig contacten

Bevestiging: Zie je wel! Mensen vinden mij niet aardig!

 

Gedachte: ik ben niet in staat om zelf (goede) beslissingen te nemen en daar verantwoordelijkheid voor te dragen

Emotie: angst voor het nemen van beslissingen en het dragen van verantwoordelijkheid

Handelen: afdragen van die verantwoordelijkheid aan een externe autoriteit

Realiteit: afhankelijk zijn van die externe autoriteit die beslissingen neemt (onvrijheid)

Bevestiging: Zie je wel! Ik ben niet in staat zelf beslissingen te nemen, want ik moet gehoorzamen een de externe autoriteit die daarvoor verantwoordelijk is
 

Maar ook in positieve zin: 
 

Gedachte: ik kan goed koken

Emotie: liefde voor koken

Handelen: koken (en dus erin bekwamen)

Realiteit: lekker eten serveren

Bevestiging: Zie je wel! Ik kan goed koken!

 

Vul zelf een willekeurige gedachte in, en zie hoe het werkt.

 

 

 

donderdag 11 september 2014

Waarheid, geloof en politiek


Veel mensen geloven dat waarheid in hun gedachten zit. In de mentale afbeelding die mensen vormen over de dingen. Maar dat is niet waar waarheid ligt.  

Waarheid ligt in de dingen zelf en niet in onze gedachten (onze mentale afbeelding) daarover. Precies zoals een schilderij van de Eiffeltoren een meer of minder gelijkende afbeelding ervan kan zijn, maar nooit de Eiffeltoren IS.  

De waarheid van een plant, een dier, een mens, een ding of een gebeurtenis, ligt dus besloten in die dingen zelf, in wat ze ZIJN. En niet in onze gedachten erover. Die zijn daar slechts een afbeelding van.
 
De enige waarheid van gedachten, is dat het gedachten ZIJN. Het zegt alleen iets over die gedachten zelf en niets over de waarheid van het onderwerp van die gedachten. Iets blijft, onafhankelijk van hoe of wat we erover denken, gewoon precies wat het IS. Of onze gedachte erover - onze afbeelding ervan - nou gelijkt of niet.
 
Wij bepalen zelf in hoeverre die gedachten een meer of minder gelijkende afbeelding van het onderwerp zijn. We kunnen die gelijkenis alleen vergroten, meer afstemmen op het onderwerp en wat dat IS, door naar het onderwerp zelf te kijken in plaats van naar onze afbeelding ervan.  

Naar onze gedachten over een onderwerp kijken, in plaats van naar het onderwerp zelf, heet geloven.

Naar het onderwerp zelf kijken, heet waarnemen 

Om een mentale afbeelding (een gedachte) zoveel mogelijk overeen te stemmen met wat iets IS, moet je kijken naar dat iets. Dan moet je het waarnemen. Zo maak je kennis met de waarheid van dat iets. Zo geef je jezelf de gelegenheid je afbeelding meer gelijkend te maken met de waarheid van dat iets. Een correcter beeld ervan te vormen.  

Een niet-gelijkende mentale afbeelding van iets, heet een onwaarheid. In tegenstelling tot waarheid, bestaat onwaarheid uitsluitend in onze gedachten. Het is een afbeelding van iets dat in werkelijkheid niet (zo) bestaat. Een onwaarheid is een gedachte over iets, die niet aansluit bij iets dat als zodanig bestaat. Het bestaat alleen zo in onze gedachten en niet daarbuiten.  

Iets dat alleen in onze gedachten bestaat, maar daarbuiten (in werkelijkheid) niet, heet een illusie. Onwaarheid is dus hetzelfde als een illusie. Het bestaat als zodanig alleen in onze gedachten. 

Onwaarheid vertellen is het overbrengen van een illusie. Het is het laten zien van een gedachte over iets dat niet bestaat. Een incorrecte mentale afbeelding.  

Liegen is het opzettelijk overbrengen van een incorrecte mentale afbeelding. Iemand die liegt, doet dat in de hoop dat de ander die afbeelding zal overnemen en deze zal beschouwen als ware het het onderwerp ervan. Als ware het waarheid.  

Wanneer iemand de leugen gelooft, dan neemt hij een (opzettelijk foutieve) mentale afbeelding van de leugenaar over, in de veronderstelling dat het hij naar het onderwerp zelf kijkt. In de veronderstelling dat hij naar waarheid kijkt. Terwijl hij in werkelijkheid uitsluitend naar een mentaal plaatje kijkt.  

Dit laatste doen we voortdurend. Wanneer we op het journaal kijken naar een reportage over een oorlog, dan denken we dat we naar oorlog kijken. Maar dat is niet waarnaar we kijken. We kijken naar een afbeelding van oorlog. Een afbeelding die door iemand gemaakt is. Iemand die gedacht heeft dit te moeten of te willen doen. In de hoop dat wij die afbeelding overnemen en tot onze eigen mentale afbeelding maken. En vervolgens denken dat we naar het onderwerp (oorlog) kijken, in plaats van naar onze afbeelding. Geloven dus. 

Er is dan geen enkele connectie tussen onze afbeelding en die oorlog zelf. Pas wanneer we zelf naar het gebied afreizen en die oorlog zelf waarnemen, ontstaat die connectie. Een connectie tussen onze afbeelding en de waarheid van die oorlog, die in die oorlog zelf besloten ligt.  

Voor die tijd bestaat er geen enkel verband tussen onze mentale afbeelding (onze gedachten over die oorlog) en de waarheid van die oorlog. Het is slechts een losstaande afbeelding waarvan we niet kunnen weten of die gelijkt. Als we desondanks denken waarheid te zien, dan is het een geloof. Meer niet.   

Alles wat mensen doen, doen ze op basis van hetgeen ze denken dat waar is. Zo zullen mensen bijvoorbeeld gerust zijn als ze denken dat de situatie veilig is (ook al is die dat in werkelijkheid niet) en angstig zijn als ze denken dat er gevaar is (ook al is dat er in werkelijkheid niet).  

In dat laatste geval, zullen de meeste mensen iets gaan doen. Iets gaan doen om het gevaar te bezweren. En met dat doen, brengen ze iets tot stand. Daarmee creëren ze iets. En met dat creëren, wordt hetgeen ze creëren realiteit. Dat kan een beschermend bouwwerk zijn, of een wapen. Maar ook de vraag om beschermd te worden door anderen.  

Wanneer het lukt om mensen bang te maken voor een gevaar dat niet werkelijk bestaat, een gevaar dat niet door die mensen zelf is waargenomen, dan is het gelukt om bij hen een (incorrecte) mentale afbeelding te laten ontstaan. Dan geloven die mensen dat er gevaar is. Dan kijken die mensen naar hun mentale afbeelding (hun gedachte) en geloven ze dat ze naar waarheid kijken. Dan geloven ze een leugen.

Wanneer die mensen vervolgens om bescherming vragen tegen dat gevaar, dan kan de leugenaar dat aanbieden. En(!) er iets voor in ruil vragen...  

Bijvoorbeeld geld, vrijheid, of de bereidheid te vechten. En daarom was het de leugenaar te doen. Het was de leugenaar erom te doen, andere mensen een realiteit te laten creëren die naar het profijt van de leugenaar is.  

Dit mechanisme heet politiek. 

Dit mechanisme werkt uiteraard alleen als die mensen bereid zijn om, zonder eigen waarneming, een mentale afbeelding over te nemen; zich een aangeboden gedachte eigen te maken. En bereid zijn om die afbeelding/gedachte niet te beschouwen als een afbeelding (wat het is), maar als waarheid (wat het niet is). Als ze daartoe bereid zijn zonder het onderwerp van die afbeelding, zelf waargenomen te hebben. Als ze kijken naar hun gedachten, in plaats van het onderwerp van hun gedachten. Als ze bereid zijn te geloven dus.  

Politiek kan daarom uitsluitend (voort)bestaan zolang mensen bereid zijn dit te doen.

maandag 1 september 2014

De klusjesman



De bel gaat. U doet open.

'De klusjesman!' roept de man in het blauwe pak, 'Dat is dan 15.000 euro!'
'Hoezo?' vraagt u.
'Hoezo, hoezo...!? Omdat ik het zeg ja! Dat is hoezo!', roept de blauwe man.
'Maar, waarom moet ik u betalen?' vraagt u netjes.
'Voor allerlei klussen die ik voor u ga doen. Dienstverlening, zeg maar'.
'Maar.... welke klussen dan?' vraagt u.
'Ja, dat maak ik wel uit! In ieder geval allemaal nuttige dingen!' blaft de man.
'Hmm, in dat geval bedank ik voor uw aanbod' zegt u.
'Nee nee, u begrijpt het niet! U betaalt mij gewoon, anders stop ik u in een kooi!' dreigt de man. 

De man legt u uit dat hij mensen met vuurwapens in dienst heeft en dat hij u, bij uw weigering, onder bedreiging van die wapens zal opsluiten.  

U geeft u gewonnen en betaalt.  

U hoort van uw buurtgenoten dat dezelfde man ook bij hen aan de deur is geweest. Ook zij betaalden de man. U besluit bij elkaar te komen in het buurthuis. 

Er wordt overlegd en er wordt gediscussieerd. De één wil graag een rode klusjesman in plaats van de blauwe, de ander wil een gele. De verschillende meningen buitelen over elkaar. Maar niemand lijkt zich af te vragen of zo'n klusjesman überhaupt wel een goed idee is. Onafhankelijk van de eventuele kwaliteit van zijn werk...  

Uiteindelijk wordt er gestemd en na telling van de stemmen, wordt het de rode klusjesman.  

Na korte tijd staat de nieuwe klusjesman op de stoep.

'Dat is dan 15.000 euro!' roept de rode man, 'En het kan in de loop der tijd meer worden! Of minder, maar dat maak ik wel uit!'
'Maar' zegt u, 'ik dacht....'
'Ja, denken denken!' zegt de man, 'Laat dat maar aan ons over. JULLIE hebben voor mij gekozen!'
'Maar, ik ben het hier niet mee eens' zegt u.
'Dat mag' zegt de rode man, 'Maar u gaat mij gewoon betalen, anders sluit ik u op!'. 

U buigt het hoofd en betaalt.

Gek verhaaltje hè. Toch is dit precies wat er iedere dag met u gebeurt. Uw overheid bepaalt DAT u moet betalen en WAT u moet betalen. Daarnaast bepaalt diezelfde overheid ook welke diensten u ervoor in ruil krijgt (en of u er diensten voor in ruil krijgt). Over al deze zaken hebt u niets te vertellen. U kunt alleen kiezen voor een ander gezicht, een andere kleur. Voor u blijven de voorwaarden hetzelfde: u moet gehoorzamen, anders belandt u, onder bedreiging van geweld, in een kooi. 

vrijdag 1 augustus 2014

Vrijheid: input - output


Alle mechanismen in het universum (en dus ook op aarde) verlopen volmaakt. Alles gaat via de onveranderbare wetmatigheden der natuur. Al die mechanismen hebben betrekking op oorzaak en gevolg: als je er aan de ene kant iets instopt, komt er aan de andere kant iets uit. Wat eruit komt, wordt dus bepaald door wat je erin stopt.  

Het tussenliggende mechanisme ligt vast. Als er iets uitkomt dat niet naar onze zin is, dan ligt dat dus altijd aan hetgeen we erin gestopt hebben.  

We kunnen dan klagen over het tegenvallende resultaat, we kunnen ertegen protesteren, of we kunnen dozijnen petities tekenen. Maar dat verandert er helemaal niets aan. Het enige dat erop zit, is er voortaan iets anders instoppen.  

Wat hebben we erin gestopt dat het teleurstellende resultaat opleverde? We dachten, verwachtten, hoopten dat er een positief resultaat zou komen (we deden het met de beste intenties) maar het viel tegen. We vergisten ons. Wat was de vergissing?  

Alleen door ernaar te kijken, kan er begrip ontstaan over het verband tussen input en output. Begrip over het tussenliggende mechanisme. En dan kun je er de volgende keer iets instoppen dat wel een bevredigend resultaat oplevert. Dat kan alleen als je beseft dat je eigen input het onbevredigende resultaat voortbracht. Dit besef heet verantwoordelijkheid nemen 

Verantwoordelijkheid nemen brengt dus de mogelijkheid om resultaten in overeenstemming te krijgen met intenties. Als mij het resultaat niet bevalt, kan ik voortaan iets op een andere manier doen. Met een ander resultaat.  

Ik zou natuurlijk ook kunnen proberen dat over te laten aan anderen. Daarmee zou ik zeggen: het resultaat bevalt me niet, maar desondanks wil ik hetzelfde blijven doen; JULLIE moeten dingen anders doen om het door mij gewenste resultaat te genereren. Ik geef daarmee de verantwoordelijkheid voor het resultaat aan die anderen.  

Maar of die anderen dat ook werkelijk zullen doen, daarover heb ik niks te vertellen. Ik heb alleen iets over mijn eigen gedrag te vertellen. Wanneer ik wil dat anderen het door mij gewenste resultaat genereren, dan word ik afhankelijk van de medewerking van anderen. Wat zij doen wordt dan bepalend voor het resultaat. Zij bepalen dan immers hoe de resultaten eruit zien, en ik moet nog maar zien of dat naar mijn zin zal zijn of niet. Ik geef daarmee die anderen macht over mij. 

Als de resultaten dan niet naar mijn zin zijn, kan ik die anderen smeken (of proberen te dwingen) om het anders te doen zodat het wel naar mijn zin wordt. Maar ik blijf afhankelijk van hun wil (of gehoorzaamheid). En afhankelijk betekent onvrij.  

Met het weggeven van verantwoordelijkheid, geef ik anderen macht over mij en maak ik mijzelf onvrij. En ik doe dat helemaal zelf. Daarvoor ben ik dus verantwoordelijk. Het is dus niet gelukt om mijn verantwoordelijkheid weg te geven.  

Ook dit is dus weer een eenvoudig mechanisme. Een wetmatigheid. Klagen over de uitkomst (onvrijheid) is dus zinloos. Je hebt iets in het mechanisme gestopt (poging tot afdragen van verantwoordelijkheid), en wat er vervolgens uitkomt, is onvermijdelijk (onvrijheid).  

Als dat niet bevalt, dan kun je dat aanvaarden, of er iets anders instoppen. In dit geval betekent dit dus: verantwoordelijkheid nemen voor wat je zelf doet. En daarmee voor het resultaat daarvan: vrijheid.

donderdag 10 juli 2014

Verantwoordelijkheid = Vrijheid


Ik vind het erg interessant om begrip te krijgen van de werking van de mechanismen van de menselijke geest, zowel individueel als collectief.

Lang geleden heb ik opgemerkt dat vrijheid een bijna universeel verlangen is van mensen. In alle culturen en tijden speelde het een rol. Tegelijk merkte ik op dat de inrichting van de samenleving juist vrijheid beperkt. Het viel me toen op dat mensen wel zeggen dat ze vrijheid willen, maar tegelijkertijd ook een leider zoeken die ze vertelt wat ze moeten doen. Dat is dus een paradox.

Ik vroeg me af welk mechanisme hieraan ten grondslag lag. Ik besefte dat er hier sprake was van een denkfout. Mensen willen wel vrijheid, maar geen verantwoordelijkheid. En dat is onverenigbaar. Vrijheid zonder verantwoordelijkheid kan niet bestaan. Wanneer je je eigen keuzes maakt (vrijheid), dan ben je daarvoor volledig zelf verantwoordelijk. Wie anders?

Mensen willen dus een leider die verantwoordelijk is voor de keuzes, maar ook vrij zijn. Dat kan niet samen en dat levert dus spanningen op. Iedere vorm van protest is daar een voorbeeld van, maar ook de verhulde machtsstrategieën van de bestuurlijke klasse komen eruit voort. Aan de ene kant voorziet die klasse in een behoefte (de behoefte geleid te worden) maar aan de andere kant beperkt die klasse de vrijheid van de bevolking, en dat onderdeel moet dus uit beeld gehouden worden anders stuit het op weerstand.

Om die spanning op te lossen, zouden mensen dus eigenlijk een keuze moeten maken: vrijheid met de bijbehorende verantwoordelijkheid, of bestuurd worden en de verantwoordelijkheid bij de leider(s) leggen. Ik heb dat mechanisme al eens beschreven in het stukje “Verandering”.

Toen ik beide mogelijkheden onderzocht, kwam ik tot het inzicht dat de laatste keuze (leider verantwoordelijk maken) logischerwijze onmogelijk is. Alles wat mensen doen heeft een resultaat, dus ook het opvolgen van een leider heeft een resultaat, namelijk dat die leider macht krijgt. En daarvoor is niemand anders verantwoordelijk dan degenen die deze leider macht verlenen door aan hem te gehoorzamen. Het zijn dus de volgers die verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van macht en dus ook voor alle gevolgen daarvan, zoals de bijbehorende onvrijheid. Onvrijheid waarvan ze zelf zeggen die niet te willen.

Dus, ook al willen mensen geen verantwoordelijkheid, ze dragen het toch. Altijd. Of ze nou willen of niet.

Als afdragen van verantwoordelijkheid niet mogelijk is omdat mensen toch altijd verantwoordelijk zijn voor hetgeen ze doen, resteert er eigenlijk geen andere mogelijkheid dan vrijheid. Die vrijheid bestaat altijd en heeft altijd bestaan. Waar het om gaat, is wat mensen ermee doen.

Pogingen die vrijheid weg te geven in ruil voor het overdragen van verantwoordelijkheid, berusten dus op een vergissing. Maar omdat de meeste mensen geloven dat dit toch kan, creëren ze hun eigen onvrijheid, door te denken dat de leiders verantwoordelijk zijn en te geloven dat ze daarom aan die leiders moeten gehoorzamen. Het komt erop neer dat ze in vrijheid hun vrijheid weggeven in ruil voor iets dat een illusie is.

Wanneer mensen zouden beseffen dat het een illusie is, dan zouden ze dit niet meer doen. En dat kan alleen maar in het besef dat verantwoordelijkheid onontkoombaar is en onlosmakelijk bij het leven hoort.

Als dat besef doordringt, dan is er ook geen andere mogelijkheid meer dan aandacht te besteden aan die verantwoordelijkheid. Iets dat nu veel minder gebeurt omdat mensen in de veronderstelling leven dat een ander - een leider - die verantwoordelijkheid draagt, en er daarom onverschillig mee omgaan.

En wanneer mensen aandachtiger en zorgvuldiger omgaan met hun eigen verantwoordelijkheid, dan zal de wereld er een stuk aangenamer uitzien. En dan verdwijnt het verlangen naar "leiders" vanzelf naar de achtergrond.

woensdag 6 november 2013

Macht


 

 

De meeste lezers zullen wel weten dat het onderwerp macht een rode draad is in al mijn stukjes. Macht en machtsverhoudingen zijn mijns inziens de oorzaak van veel (zo niet alle) ellende in de wereld.  

Vaak krijg ik de tegenwerping dat ik me zou bezondigen aan complotdenken. Dat is zeker niet het geval. De macht waarover ik het heb, is niets meer dan een mechanisme. Een logisch mechanisme waarvan je de werking op ieder moment kunt waarnemen als je de moeite neemt om ernaar te kijken. Het heeft helemaal niets met kwaadaardigheid of sinistere complotten te maken. Het heeft te maken met voorkeur.  

Dat macht aantrekkelijk is voor sommige mensen, zal niemand ontkennen. Er zijn altijd mensen die erop uit zijn en zo is het ook altijd geweest. In de loop van de geschiedenis heeft het geleid tot enorme machtsbolwerken zoals de koning- en keizerrijken, de macht van de kerk, van de grootindustriëlen tijdens de industriële revolutie en de macht van de grootste militaire en economische grootmachten van nu.  

Ondanks het feit dat macht voor veel mensen aantrekkelijk is, lukt het maar enkelen om daadwerkelijk macht te verkrijgen. Er zijn altijd meer mensen die macht willen, dan er mensen zijn die daadwerkelijk macht verwerven. Macht verwerven is namelijk niet gemakkelijk. Het vraagt een enorme, bijna monomane inspanning, waarbij alles opzij gezet moet worden om het doel te bereiken.  

Vanzelf gaat het dus niet. Om macht te verwerven moet je plannen maken. Slimme plannen, anders lukt het je niet. Er zijn immers meer kapers op de kust, en die maken ook slimme plannen. Wanneer jouw plan minder slim is dan het plan van je tegenstrever, dan behaal jij niet je doel, maar is het die tegenstrever die dat doet.  

Macht (iedere macht) begint dus met de intentie macht te verwerven. Die intentie is gebaseerd op de overtuiging dat macht waardevol is en dat de strijd om die macht te verwerven dus de moeite waard is. Het moet het hoogste doel zijn. Een doel dat rücksichtslos nagestreefd moet worden. Iedere terughoudendheid als gevolg van bedenkingen, is een nadeel. Simpelweg omdat er altijd tegenstrevers zijn die deze bedenkingen niet hebben, of bereid zijn ze aan de kant te zetten.   

Dit betekent dus dat degenen die werkelijk macht hebben, altijd degenen zijn die er het best in geslaagd zijn die macht te verwerven. Het zijn degenen die het mechanisme van macht het best begrijpen, en daar het slimst mee omgegaan zijn. Het zijn degenen die bereid waren alles opzij te zetten (meer dan hun tegenstrevers) om hun doel te bereiken, en daarbij alle zijdelingse overwegingen overboord gezet hebben. Anders waren ze links of rechts ingehaald door andere machtszoekers. Machtszoekers die rücksichtsloser waren dan zij.  

Als macht dus niet je hoogste doel is, dan bereik je dat doel niet. Om de doodsimpele reden dat er dan anderen zijn die beter uitgerust zijn dan jij en jou voorbijstreven. Het betekent dat degenen die daadwerkelijk macht verworven hebben, per definitie rücksichtslos zijn, en dus bereid zijn er alles voor te doen, inclusief liegen, manipuleren en verder alles dat nodig is voor het bereiken van het doel. Ook als dat ten koste gaat van anderen.  

Maar rücksichtslos is iets anders dan kwaadaardig. Mensen die macht nastreven zullen zichzelf dan ook nooit beleven als kwaadaardig. Ze begrijpen gewoon dat dit soort zaken noodzakelijk zijn om te kunnen zijn wat ze denken te moeten zijn: machtig. Ze zullen zichzelf als uiterst gekwalificeerd beschouwen voor hun machtspositie.  

Maar niet iedereen denkt zo. Niet iedereen vindt het OK om anderen te benadelen (of erger) om een persoonlijk doel (al dan niet gelardeerd met een vleugje idealisme) te bereiken. Ondanks het feit dat er altijd meer machtszoekers zijn dan machthebbers, heeft het overgrote deel van de bevolking een heel andere mentaliteit. Veruit de meeste mensen leven liever in harmonie met anderen, dan erover te heersen. Maar het is juist die overgrote meerderheid waarover machthebbers macht hebben.  

Macht is het vermogen om anderen te laten doen wat de machthebber wil. Hoe meer macht een machthebber heeft, hoe meer hij dus zijn wil kan opleggen aan anderen, en die anderen kan laten doen wat hij wil dat ze doen. Naarmate zijn macht groeit, kan hij in toenemende mate anderen voor hem inzetten. Een belangrijk deel van zijn macht kan hij dan aanwenden om anderen (bijvoorbeeld legers, politie, ambtenaren) ervoor te laten zorgen dat zijn macht groeit. Hoe meer macht hij heeft, hoe meer mensen hij dat kan laten doen, en hoe meer macht hij kan verkrijgen. Dat heet het hefboomeffect.  

Dit is dus een mechanisme dat zichzelf aandrijft: hoe meer macht, hoe meer macht. Wanneer dit mechanisme onbelemmerd kan voortduren, komt logischerwijze uiteindelijk alle macht op één plek terecht: bij de machtigste.  

De enige belemmering is de concurrentie van andere machtszoekers. De strijd om de macht dus. Die strijd kost veel aandacht en energie en werkt dus verzwakkend voor de strijdende partijen. Het is immers aandacht en energie die gestoken moet worden in de strijd met andere machthebbers, en dus niet gestoken kan worden in de essentie van macht: het heersen over de bevolking.  

In veel gevallen dringt dat besef ook bij machthebbers door en worden er allianties gevormd met andere grote spelers. Samen het machtsmonopolie delen is vaak aantrekkelijker dan het vechten om de toppositie. Er worden dan strategische afspraken gemaakt die voor beide partijen een voordeel bieden in hun streven naar macht. Sommige mensen noemen dat een complot of een samenzwering. Maar het is niks meer dan een logische en (gezien vanuit hun denkwijze) voor de hand liggende oplossing.  

Dat veel mensen er twijfels over hebben of zoiets in de praktijk gebeurt, komt omdat veruit de meeste mensen niet de mentaliteit van een machtszoeker hebben, en zich dus wel laten leiden door andere overwegingen dan macht. Zoals bijvoorbeeld het eigen geweten en het welzijn van anderen. Het lijkt daarom bijna ongelofelijk dat er mensen zijn die daaraan geen boodschap hebben.  

En toch zijn het juist die mensen die komen bovendrijven. Het is immers die mentaliteit die noodzakelijk is om de betreffende posities te kunnen verwerven. Een mentaliteit die weliswaar bij betrekkelijk weinig mensen voorkomt, maar toch altijd bij meer dan voldoende om daarmee de posities te bemannen.  

Machthebbers behoren per definitie tot een kleine minderheid. Macht heb je pas als je het te vertellen hebt over meerdere mensen. Hoe meer mensen, hoe meer macht en hoe groter in verhouding de meerderheid is waarover je macht hebt. Er zijn dus niet veel mensen met de machtsmentaliteit nodig om machthebbers te krijgen. Maar die mentaliteit is wel een voorwaarde om er een te worden. Het zijn dus juist de uitzonderingen die de posities verwerven. Uitzonderingen met een mentaliteit die per definitie niet aansluit bij de meerderheid van de mensen. 

Machthebbers zijn in staat om anderen te laten doen wat zij willen dat ze doen. Ze zijn daarmee dus bepalend voor hetgeen die anderen doen. En met dat doen, richten wij (alle mensen) de samenleving in. Die samenleving wordt daarmee dus ingericht naar de voorkeur van de machthebber.  

En omdat machthebbers (noodzakelijkerwijze, anders waren ze geen machthebber) een heel andere mentaliteit hebben dan de meeste mensen, wordt die samenleving dus ingericht naar een andere voorkeur dan die van de meeste mensen. En daarmee zal die samenleving dus niet naar de voorkeur zijn van de meeste mensen. Om de doodsimpele reden dat dit de drijfveer is van machthebbers: het inrichten van de wereld naar hun zin, en de anderen dit laten uitvoeren.  

Dat betekent dus dat de meeste mensen, onder bevel van machthebbers, een wereld bouwen die niet naar hun eigen zin is. Een wereld die vooral de mentaliteit van machthebbers weerspiegelt, en niet hun mentaliteit. En toch wordt die wereld gebouwd door niet-machthebbers (de rest van de mensheid) die zich laten sturen door machthebbers. Het zijn de niet-machthebbers die een wereld bouwen die niet naar hun eigen zin is en die niet de denkwijze van de meeste mensen weerspiegelt. 

Machthebbers hebben dus bepaalde eigenschappen die ervoor zorgen dat ze machthebber zijn. Eigenschappen die de meeste andere mensen afkeuren. Eigenschappen die niet overeenstemmen met het geweten en de intenties van de meeste mensen. En toch laten de meeste mensen zich erdoor leiden. Deden ze dat niet, dan waren de machthebbers geen machthebber meer. Macht heeft een machthebber immers alleen als mensen daadwerkelijk doen wat hij zegt.

Machthebbers weten dat. Ze weten dat hun voorkeur anders is dan de voorkeur van de meeste mensen. Strijdig zelfs. Maar om de eigen voorkeur ten uitvoer te laten komen, hebben ze wel de medewerking van de uitvoerders (de rest van de mensheid) nodig. Zo weten ze bijvoorbeeld dat veruit de meeste mensen het liefst in vrijheid en in harmonie met anderen leven. Maar daarmee bereiken ze hun doel niet.  

Om de rest van de mensen te laten doen wat machthebbers willen dat ze doen, is het dus noodzakelijk die anderen te misleiden. Wanneer machthebbers openlijk zouden laten blijken wat hun motieven zijn, dan zouden anderen er niet aan meewerken en dan is het gedaan met hun macht. Misleiding is dus een voorwaarde om macht te verkrijgen en te behouden. Degenen die het handigst misleiden, maken dus meer kans op machtsposities dan degenen die daar minder goed in zijn.  

We kunnen er dus vanuit gaan dat degenen op de hoogste machtsposities, het misleidinginstrument efficiënt gebruiken. Dat ze ons onder valse voorwendselen dingen laten doen waarvan we de resultaten zelf niet OK vinden. Dingen die resultaten opleveren die niet overeenstemmen met onze voorkeuren en onze mentaliteit. Als dat wel het geval was, dan hoefden ze ons immers niet te misleiden want dan zouden we het uit onszelf doen. En als we het uit onszelf zouden doen, was macht overbodig.  

Als we nu weten dat machthebbers een andere mentaliteit hebben dan wij, andere doelen nastreven dan wij, geen boodschap hebben aan het welzijn van mensen, en ons per definitie misleiden, waarom zouden we dan nog naar ze luisteren? Waarom zouden we ze dan nog geloven? Waarom zouden we ons laten blijven verleiden om dingen te doen die alleen goed zijn voor die kleine minderheid? Dingen die resulteren in zaken die wij zelf afkeuren? 

Anders gezegd: waarom zouden we ons laten blijven leiden door mensen die een mindset hebben die de meeste mensen afkeuren? Eigenschappen die nog het best omschreven kunnen worden als psychopathisch (ook psychopaten vinden zichzelf niet kwaadaardig). Eigenschappen die een voorwaarde zijn om machthebber te worden, en die dus alle machthebbers bezitten, en waardoor de mensheid al vele eeuwen geteisterd wordt.

Waarom zouden we ons nog langer laten leiden door juist deze minderheid? Een minderheid die gekenmerkt wordt door bikkelhard egoïsme dat, zoals altijd, ten koste gaat van alle anderen.  

Hoe lang zal de mensheid nog blijven geloven dat de huidige "leiders", het deze keer wel goed met ons voorhebben? En zich er, voor de zoveelste keer, aan conformeren. En voor de zoveelste keer de bittere gevolgen ervan zal moeten ondergaan.

Een keer moet het toch doordringen: we hebben niemand nodig om ons te vertellen wat we moeten doen. We hoeven alleen maar te doen wat we zelf OK vinden. Zodra we ons laten leiden door machthebbers, weten we zeker dat het niet OK is wat we doen, tenminste, niet naar onze eigen maatstaven. En dat komt omdat machthebbers andere dingen OK vinden dan wij. 

woensdag 28 augustus 2013

Tijd voor iets werkelijk nieuws






Dat regeringen en bestuurders er een puinhoop van maken wordt voor iedereen steeds duidelijker. Welke "democratisch gekozen" politici het op ieder willekeurig moment ook voor het zeggen hebben, de ene domheid lijkt op de andere gestapeld te worden en de ene na de andere zo betrouwbaar lijkende bestuurder blijkt bij nader inzien een frauderende zakkenvuller, corrupter dan de gemiddelde politieagent in Baribaki. 

Geen wonder dat steeds meer mensen gaan nadenken over de vraag: 'Hoe dan wel?' Hoe zorg je voor een betrouwbaar en rechtvaardig bestuur? In de loop der tijd is er een keur aan systemen en ideologieën uitgedacht en in veel gevallen ook toegepast. Het socialisme, het communisme, het kapitalisme (en nog een hoop ander -ismes) en zelfs de democratie, zijn allemaal modellen geweest die de bedoeling hadden een werkbare hiërarchische structuur over de samenleving te leggen. Allen hebben gefaald.
 
Het verwondert me dan ook dat de meest gangbare vraag nog steeds is: 'Hoe moet de wereld bestuurd worden?', in plaats van: 'Moet de wereld wel bestuurd worden?'

Zou het niet eens tijd worden om in te zien dat ieder hiërarchisch model uiteindelijk verzandt in onderdrukking en leed onder de bevolking? We hebben er in ons deel van de wereld nu zo'n 20 eeuwen opzitten die gedomineerd waren door allerlei vormen van bestuur en dus van macht. Kijk de geschiedenisboeken er nog eens op na en zie dat die geschiedenis bepaald wordt door een aaneenschakeling van ellende als gevolg van macht en de strijd om macht.

Er was of oorlog, de strijd om macht die altijd ten koste gaat van de bevolking, of geen oorlog en dat betekende in de meeste gevallen dat de bevolking zwaar te lijden had onder het gezag van despoten en heersers. 

Ook in deze tijd wordt het nieuws (de geschiedenis van morgen) bepaald door oorlog en machtsstrijd. Misschien wel meer dan ooit en misschien heeft de wereldbevolking ook wel meer dan ooit te lijden onder terreur van de technologische geweldsmachinerie waarover overheden en politiek het monopolie hebben. Kijk bijvoorbeeld even naar de honderden miljoenen doden door overheidsgeweld in de afgelopen honderd jaar. 

Welbeschouwd zou het voor de hand liggen dat we daar nu toch onderhand meer dan genoeg van hebben. Dat na twintig eeuwen van chaos en ellende, oorlog en geweld, uitbuiting en armoede, vervolging en genocide, mensen toch een keer tot het inzicht zouden komen dat het geen goed idee is om macht te verlenen aan wie dan ook. 

Daarom vind ik het verbazingwekkend dat de idiote overtuiging dat mensen "leiders" nodig hebben, nog steeds bestaat. Vrijwel iedereen meent te weten dat een hiërarchische inrichting van de samenleving "nou eenmaal bij mensen hoort". Dat dit noodzakelijk is. Dat het zonder leiders of heersers één grote chaos zou worden. Dat we zonder overheidsdwang elkaar voortdurend de harses zouden inslaan, massaal bestelen of zouden laten verkommeren.  

In mijn optiek is dat een van de allermafste overtuigen die er bestaan. Een overtuiging die niet zomaar bestaat, nee, die zo wijdverbreid en hardnekkig is dat bijna niemand eraan lijkt te twijfelen.

Die overtuiging is gebaseerd op de gedachte dat mensen vanuit zichzelf niet in staat zijn het juiste te doen. Dat mensen alleen dat juiste doen als ze daartoe gedwongen worden door andere mensen. Betere mensen. Mensen die wel weten wat het juiste is en dat aan ons opleggen en van ons afdwingen. Door "leiders". Anders doen we het niet... 

Maar, als onze overheid even niet toekijkt, gaan we elkaar dan werkelijk te lijf? Slaan we elkander dan werkelijk de kop in? De mensen hier in de straat in ieder geval niet, net zomin als de mensen in de volgende straat. Sterker nog: de mensen in deze straat gaan de mensen in de volgende straat niet eens te lijf. Zelfs niet als onze hoeders even de andere kant opkijken. 

Laten we dat achterwege omdat we bang zijn voor de mogelijke straffen? Ik ken werkelijk niemand die zo denkt. Mensen doen dat niet omdat ze dat niet willen doen.

Nou weet ik best dat er ook mensen zijn die niet het beste voorhebben met anderen. Mensen die er geen bezwaar in zien om anderen te benadelen of te beschadigen ten bate van hun eigen belang. Maar hebben we werkelijk een dwingende overheid nodig om ons daartegen te beschermen? 

De meeste mensen gaan uit van de gedachte: als het met de anderen goed gaat, gaat het ook goed met mij. Veruit de meeste mensen zijn er helemaal niet op uit om anderen te benadelen. 

Maar naar schatting zo'n 3 tot 10% van de mensen is behept met een variërende mate van psychopathie, denkt alleen aan zijn eigen belang en probeert andere mensen te manipuleren, te bestelen of op andere wijze te benadelen ten bate van zichzelf. Dat zijn de superegoïsten die uitsluitend aan zichzelf denken en die het niets kan schelen of dat ten koste van een ander gaat.  

Maar rechtvaardigt dat een surveillancecultuur waarbinnen overheidsgezag ons daartegen zou moeten beschermen? Dat zou betekenen dat die overheid nooit meer de andere kant op kan kijken, iedereen onder controle moet houden, dus ook degenen die helemaal geen kwaad in de zin hebben. Een tendens overigens die momenteel sterk gaande is met alle cameratoezicht, elektronische controle en (binnenkort in dit theater) drones die ons begluren. Maar is dat een goed idee? Ik denk het niet.  

Ten eerste omdat het nu toch onderhand duidelijk zou moeten zijn dat lieden met een psychopathische inslag juist onevenredig vaak naar boven drijven in bestuurlijke functies. De geschiedenis (evenals het heden) staat werkelijk bol van despoten, heersers, bestuurders en machthebbers die vooral gekenmerkt worden door niets ontziend egoïsme. Wiens gezag vooral aangewend wordt voor de eigen macht en rijkdom, zonder enig oog voor de ellende en armoede van de bevolking. 

Het zijn juist diegenen die het handigst zijn in liegen, bedriegen en manipuleren en er ook geen enkel bezwaar tegen hebben als dat ten koste gaat van wie dan ook (behalve zijzelf), die voor zichzelf de beste en meest invloedrijke posities weten te bemachtigen. Logisch, oefening baart immers kunst. 

Voorbeelden te over, en ook wetenschappelijke onderzoeken tonen aan dat er in de bestuurlijke toplagen veel meer superegoïsten en psychopaten te vinden zijn dan gemiddeld onder de bevolking. 

Is het dan een goed idee om ons door rücksichtsloze egoïsten te laten beschermen tegen rücksichtsloze egoïsten? Dat lijkt me net zoiets als je huis laten bewaken door het inbrekersgilde of je kinderoppas te rekruteren bij de pedofielenvereniging. Niet slim dus.

Maar wat nog veel belangrijker is: wij kunnen misdadigers veel beter zelf aanspreken op hun ontoelaatbare gedrag. Wanneer er geen gezag zou zijn, dan hadden we geen andere keuze dan deze mensen zelf te corrigeren en dat is veel effectiever. Als er dan iemand in de buurt een ander zou beschadigen, dan zouden we er zelf op afstappen en duidelijk maken dat dit gedrag ontoelaatbaar is. In plaats van naar de politie gaan, zoals nu het gebruik is, en de verantwoordelijkheid over te laten aan anonieme vertegenwoordigers van het gezag, die er eigenlijk buiten staan.

Juist omdat de politie en het gezag er eigenlijk buiten staan is het momenteel nodig om iedereen als potentiële misdadiger te behandelen, zoals in steeds toenemende mate het geval is. 

Wanneer er geen wetten en gezag zouden zijn dan zou er voor ons niets anders opzitten dan te doen wat we zelf het juiste vinden. De mensen in de straat zouden degenen die in hun directe omgeving over de schreef gaan, zelf moeten corrigeren, in plaats van naar de politie te stappen en het over te laten aan een anonieme vertegenwoordiger van het gezag. 

Ja maar, hoor ik u zeggen, zonder wetten worden onze rechten niet beschermd. Welnu, wetten zijn er helemaal niet om uw rechten te beschermen. Wetten zijn er om privileges te beschermen en dat zijn meestal niet uw privileges. In feite hebben we geen enkel recht toegekend gekregen door wetgeving, al was het maar omdat u over de wetgeving niets te vertellen hebt. 

Het is de politiek, die deel uitmaakt van het gezag, die de wetten bepaalt en naar eigen smaak kan aanpassen als ze dat zo uitkomt. Wetten beschermen daarom vooral de posities van de hiërarchisch hooggeplaatsten. De enige situatie waarin die wetten, theoretisch gezien, enige bescherming zouden opleveren, is wanneer politiek, overheid en gezag werkelijk het beste met u voor zouden hebben. Het moge onderhand duidelijk zijn dit in veruit de meeste gevallen niet zo is. 

Gezag heeft alleen bestaansrecht als we in de overtuiging verblijven dat we tegen onszelf beschermd moeten worden. Als we ervan overtuigd blijven dat we er zonder gezag een moordende en stelende chaos van zouden maken omdat dit "nou eenmaal in de aard van mensen"  zou liggen. Maar dat spreekt faliekant tegen de gangbare gedachte dat democratie een goed en eerlijk systeem zou zijn en dat democratie zo ongeveer gelijk zou staan aan vrijheid.

Maar wanneer wij mensen, er werkelijk op uit zouden zijn elkaar te bestelen, de kop in te slaan of zwakkeren te laten verkommeren, waarom stemmen we dan niet massaal op partijen die deze dingen voorstaan? Dat doen we niet omdat we dat niet willen 

Democratie heeft werkelijk helemaal niets met vrijheid van doen. Als een slaaf mag kiezen wie zijn slavendrijver is, aan wie hij moet gehoorzamen, is hij dan vrij? 

Democratie is een systeem dat de hiërarchie in stand houdt, met instemming van de bevolking. Handig, want dat scheelt een hoop gedoe met het in bedwang houden van die bevolking. Er wordt ons niet gevraagd of we ons zelfbeschikkingrecht willen weggeven aan een ander (een 'leider' die voor ons mag beslissen) maar aan wie we het willen weggeven. En toch gaan we steeds maar weer vrijwillig naar de stembus om ons zelfbeschikkingrecht weg te geven in de veronderstelling dat we "nou eenmaal bestuur nodig hebben". We gedragen ons als gehoorzame kinderen. Terwijl we toch helemaal geen kinderen zijn. 

En het gezag gedraagt zich als een ouder die nog steeds zeggenschap wil behouden over zijn volwassen kinderen. Die deze volwassen kinderen nog steeds meent te moeten opleggen wat ze moeten doen of laten. Het gaat dan al lang niet meer om het nemen van verantwoordelijkheid (dat kunnen volwassenen prima zelf) , maar om het behoud van de (machts)positie. Het is dan aan die volwassen kinderen om zich daarvan los te maken door de bevelen simpelweg te negeren en zelf verantwoordelijkheid te nemen voor hun doen en laten.

Een hiërarchisch ingerichte wereld is al tientallen eeuwen onze realiteit. Die realiteit is het gevolg van onze overtuiging dat dit een noodzakelijkheid is. Dat het onontkoombaar is. Daarom stemmen we ermee in en daarom blijft die realiteit zo bestaan.

Maar dat die realiteit altijd zo geweest is, wil nog niet zeggen dat het altijd zo moet blijven. Wat als die overtuiging nou een vergissing is? Dat die vergissing al zoveel eeuwen bestaat, maakt die vergissing nog niet tot waarheid. 

De chaos en het geweld in de wereld zijn juist het gevolg van bestuurlijke macht. Het zijn machthebbers en overheden die oorlogen, moord en doodslag, en systematische diefstal op hun geweten hebben. Allemaal zaken waartegen diezelfde overheden ons juist zouden beschermen, in onze overtuiging. Diezelfde overtuiging laat ons als gehoorzame soldaten, politieagenten, belastingambtenaren en andere volgzame handlangers, de gruwelijkheden uitvoeren.  

Wat als we helemaal geen bestuur, leiding of gezag nodig hebben om het juiste te doen? Wat als we gewoon gingen doen wat we allemaal willen doen: voor onszelf en voor onze dierbaren zorgen? En die dierbaren weer voor hun dierbaren. Dan zorgt iedereen voor iedereen en dan hebben we helemaal niemand meer nodig die ons vertelt wat we moeten doen, met alle gruwelijke uitwassen van dien. Uitwassen die het, getuige de beschreven ellende, ons juist onmogelijk maken om ervoor te zorgen dat het goed gaat met ons en met degenen die ons aan het hart liggen. 

Het zal natuurlijk even wennen zijn om zelf te beslissen wat het juiste is om te doen. We zijn zo lang gewend geweest dat anderen, bestuurders, politici en overheden ons dat vertellen. Maar na al die eeuwen ellende zou het nu toch onderhand duidelijk moeten zijn dat dit geen goed idee is. Er zit dan werkelijk niks anders op dan eraan te wennen om voortaan de verantwoordelijkheid voor onszelf te nemen. 

Tijd voor iets werkelijk nieuws dus.